KERSTSFEER IN BROOKLYN

Deze week was ik in Dyker Heights, in zuid-Brooklyn. De kersttijd is het beste moment om deze wijk te bezoeken. Enkele jaren geleden schreef ik er een stukje over dat (licht ingekort) hieronder staat.

Lichtjes overdreven

Ik stap op de subway-trein, die stampvol zit. Het is weer een bont gezelschap, van fondantkleurige Afrikanen tot papierwitte chassidim. Tegen de tijd dat ik diep in Brooklyn uitstap, schieten er enkel nog blanke en Aziatische passagiers over. De ondergrondse rijdt hier bovengronds. Ik loop langs een lange trap naar de straat onder mij. Dit is een volbloed Italiaanse wijk, maar aan de straatnamen merk je het niet. Ik ben in New Utrecht Avenue, genoemd naar het Hollandse dorpje dat hier ooit lag. De wijk zelf heet Dyker Heights, wat ofwel verwijst naar de broers Van Dyck die hier in 1719 de grond opdeelden ofwel naar de dijken die waren aangelegd om de moerassen te temmen. Het bleef de boerenbuiten tot het begin van de twintigste eeuw, toen er een- en tweegezinswoningen werden gebouwd die snel gevuld waren met Italiaanse gezinnen. Ze gaven hun huizen door van generatie op generatie, wat zeer ongewoon is voor New Yorkse immigranten. Het is nu pikkedonker. Bang hoef je hier niet zijn. Dyker Heights is een van de veiligste en properste buurten van New York. Dit is maffiaterrein, zegt men, niemand durft hier wat. Van begin december tot Driekoningen is het nog veiliger dan anders, want van heinde en ver komen ze dan naar Dyker Heights kijken.


In het eerste zijstraatje dat ik insla, is het al volle bak. Het lijkt wel een verkeersopstopping, maar dan met chauffeurs die blij zijn van er in te zitten. Op de achterbanken drukken kinderen hun gezichtjes tegen de autoramen. Vanuit een tourbus met Japanse toeristen flitsen camera’s. Op het voetpad hoor ik Engels, Russisch, Chinees en Arabisch. Wat een zee van geflonker! Alle zwanen, kabouters, heiligen, leeuwen, sfinksen, maagden met waterkruik, als bloembak dienende autobanden, sierstruiken en heesters in de voortuinen van Dyker Heights zijn behangen met rode, witte, blauwe, groene, oranje en paarse kerstlichtjes. Wel tien verschillende kerstdeuntjes schallen door de straat. Dat is nog maar het begin. Niet elke inwoner doet mee, maar wie het doet, lijkt geld noch moeite te hebben gespaard.


Ik passeer een fortuin aan verlichte opgeblazen kerstmannen, sommige anderhalve verdieping hoog. Er zijn rendieren met sleeën, gemaakt van witte ijzerdraad met kerstlichtjes eromheen. Ze hebben elektrische motortjes waardoor ze wat doelloos heen en weer knikken. Plastic engelen met bazuinen omringen oude en nieuwe kerststallen in alle formaten. Zwaar opgesmukte plastic kerstbomen, de ene al groter dan de andere, blinken achter de ramen. Dat zijn nog maar de bescheiden huizen. Hoe meer mensen er ergens samentroepen en hoe luider de kinderen gillen van plezier, hoe groter de kitsch. De uitgebreidste taferelen zijn klank- en lichtspelen, gesynchroniseerd door computers. Achter het overmaatse raam van een gele bakstenen parvenu-villa zit een even overmaatse kerstmanpop in een wit glitterpak op een witte vleugelpiano te spelen. ‘Het lijkt wel Liberace,’ zegt een man tegen een vrouw in een witte bontjas.


In de voortuin van een andere villa staan vijftig engelen en dertig kerstmannen omringd door verlichte sterren, draaiende glanzende bollen en plastic kerstkransen. Ik ga mee in de rij staan voor de trap naar de voordeur. Boven word ik beloond met het uitzicht op een woonkamer zonder mensen waarin elk stukje muur, plafond en meubel is versierd. Onder de kerstboom en op de trap naar boven liggen honderden geschenken. Voor de garagedeur zit een heel dikke kerstman. Voor een dollar mag je op zijn schoot zitten en krijg je een snoepje. ‘Get your Christmas hat,’ roept een verkoper, de enige zwarte in heel de wijk. Zelfs zijn mutsen hebben flikkerende rode lichtjes. In een tuin draaien twee echte kermis-, of beter kerstmismolens, hun rondjes. Voor een andere houdt eigenaar Joe Scanio trots de wacht. Hij heeft een ‘christmas decorator’ betaald om van zijn tuin een stukje Disneyland te maken. Tussen de elektrisch aangedreven dansende poppen die verschillende nationaliteiten voorstellen, heeft de kerstversierder een reclamebord voor zichzelf geplant. Ook hier zit er een kerstman met een grote plexiglazen kubus vol dollarbriefjes. ‘Dat is voor de arme kinderen,’ zegt Joe. Daar twijfel ik niet aan. Bij de kerk van Sint Bernadette staat een kerststal voor de cementen Mariagrot. ‘Did somebody steal baby Jezus?’ vraagt een joods uitziende vrouw. De Japanners naast haar hadden vast niets gemerkt. Iemand legt uit dat Jezuske pas op kerstavond in zijn kribbe wordt gelegd. De Japanners knikken ernstig, alsof hen een diep mysterie werd onthuld. Je leert elke dag iets bij in New York.

 

 

 

Advertisements
This entry was posted in Brooklyn, feesten en events and tagged . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s